Nut en noodzaak van outcross
Onze vereniging heeft in 2022 een populatieanalyse laten uitvoeren door Dr. Ir. Pieter Oliehoek. De analyseresultaten zijn gepresenteerd tijdens de informatiemiddag op 22 oktober 2022.
De VVHH is een nauwe samenwerking aangegaan met Dogs Global en alle hondendata staan inmiddels op dit platform. Naast de inteeltberekeningen is de Mean Kinship tool beschikbaar en wordt de laatste hand gelegd aan de module gezondheidsonderzoeken en het inlezen van DNA profielen zoals Embark. Verder wordt de database uitgebreid met buitenlandse data. Zo zijn als eerste de Franse en Zweedse database voor Hollandse herder toegevoegd en zullen andere landen snel volgen.

Waarom een populatieanalyse
In veel hondenrassen verslechtert de gezondheid en komen er meer genetische ziekten voor. In het verleden is er bij veel rassen gefokt met steeds dezelfde honden of lijnen, waardoor de diversiteit van genen is afgenomen. Zo ook bij de Hollandse Herder.
De diversiteit gaat gelukkig de laatste jaren minder snel verloren dan voorheen, waarschijnlijk veroorzaakt door het stijgende bewustzijn onder fokkers van het belang van diversiteit. De diversiteit wordt bepaald door de vertegenwoordiging van de voorouders (founders) die ooit in Nederland gefokt zijn en aan de basis staan van het ras. Verlies van diversiteit is tevens verlies van deze stamdieren. Daarnaast is diversiteit van belang voor verdere fokkerij: Hoe meer diversiteit aanwezig is, hoe sneller een ras kan verbeteren.

De populatie
Belangrijk voor de populatieanalyse is de diversiteit, de verwantschap en de inteelt van de huidige populatie. De huidige populatie is bepaald door een schatting te maken welke dieren anno 2021 nog ingezet kunnen worden in de fokkerij. Aan de hand van deze populatiegrootte wordt vervolgens de gemiddelde verwantschap, de diversiteit en de gemiddelde inteelt berekend.
Belangrijkste conclusie is dat de diversiteit het hoogst was in de beginjaren van het ontstaan van het ras 1900 – 1930. Daarna is er een daling waar te nemen tot 1995. Vanaf 1995 is er een stabiele lijn waar te nemen. Dit betekent dat de diversiteit niet verder afneemt, maar dat er nog niet sprake is van een toename.
Voor de verwantschap en inteelt is er een voorspelling gedaan wat het effect van fokkerij maatregelen is op de inteelttoename. Dan zien we dat de inteelt zal toenemen wanneer je geen fokbeleid toepast. Fokmaatregelen zijn dus nodig om de inteelttoename met de bijbehorende kans op ziekten een halt toe te roepen.

Fokmaatregelen
De volgende fokmaatregelen zijn nodig om de diversiteit te behouden:
– eenmalige nesten stimuleren
– ongebruikte honden inzetten
– zoveel mogelijk verschillende honden inzetten
– kiezen voor ouderdieren met lage onderlinge verwantschap
– kiezen voor ouderdieren die een hoge bijdrage aan diversiteit hebben
– gebruikmaken van de langhaar variëteit of nakomelingen uit variëteitskruising
– gebruikmaken van outcross

Outcross
Outcross is het fokken met een ander ras om zo de populatie met nieuwe founders te verrijken. Daarmee neemt de genetische variatie (lees: diversiteit) in één keer flink toe. Doordat je gebruik maakt van een ander, onverwant ras zal de eerste generatie pups een mix zijn van de genen van beide ouderdieren en kunnen ze dus ook qua uiterlijk meer of minder lijken op een Hollandse Herder. Dat is moeilijk voorspelbaar en zal pas tot uiting komen als de pups 1 – 1,5 jaar oud zijn. Een outcross stopt daarom niet bij het fokken van één generatie. De nakomelingen van de eerste generatie zijn heel belangrijk om weer terug te kruisen met een raszuivere Hollandse Herder die voldoet aan de raskenmerken. De tweede en derde generatie zullen honden opleveren die steeds meer aan de raskenmerken van de Hollandse Herder voldoen, maar nog wel een grote diversiteit aan genen bezit.
Outcross is daarmee een heel waardevolle manier om de diversiteit van de populatie te vergroten en daarmee de kans op erfelijke ziekten en afname van vitaliteit en fertiliteit te verkleinen. Zo kunnen we ons ras gezond houden!
Het nadeel van outcross is dat de eerste generaties pups niet meteen in het stamboek kunnen worden ingeschreven. Ze krijgen bij geboorte geen FCI-stamboom van de Raad van Beheer. Wel kunnen de honden die op 1,5 jaar het meest op een Hollandse Herder lijken aangekeurd worden. Dit noemen we een aankeuring voor ‘look-a-likes’. Deze speciale keuring wordt door de rasvereniging VVHH aangevraagd bij de Raad van Beheer en vindt plaats tijdens de fokgeschiktheidskeuringen die we jaarlijks houden. De honden die bij de aankeuring als voldoende rastypisch worden beoordeeld krijgen vervolgens een stamboom.
Afhankelijk van de resultaten van de originele outcross kun je de honden uit de eerste of tweede generatie laten aankeuren. Niet altijd zal de eerste generatie al voldoende rastypische kenmerken hebben voor een stamboom, máár deze honden zijn wel heel belangrijk voor het ras om mee verder te fokken.

Fokkers VVHH
Wij zijn blij met fokkers binnen onze vereniging die fokkerijplannen hebben om outcross te gaan toepassen. De vereniging gaat deze fokkers actief steunen en faciliteren. Zo zullen de pup eigenaren volwaardig lid worden van de vereniging en aan alle activiteiten mogen meedoen. Er zullen speciale keuringen komen waar deze honden extra aandacht krijgen. De pups krijgen een stamboom/afstammingsbewijs van de vereniging, waarop ze de afstamming van hun pup kunnen zien. De pups worden ook ingeschreven in de Dogs Global database.
Er is inmiddels een “denktank” geformeerd van geïnteresseerde leden, fokkers en bestuursleden, die samen de outcross plannen verder proberen te ontwikkelen.
Heb je interesse om mee te denken, laat het dan weten door een mail te sturen naar: voorzitter@vereniginghollandseherder.nl

Back To Top